skip to Main Content

Stress is niet slecht voor het lichaam. Het ligt er alleen aan hoe je er mee om kan gaan en of je de stress weer makkelijk kan laten zakken. Er zijn verschillende factoren die hier aan bijdragen.

Adaptogene capaciteit

Je adaptogene capaciteit is jouw flexibiliteit. Bij een hoge adaptogene capaciteit zie je de buitenwereld als minder gevaarlijk. Het is je capaciteit om weer rustig te kunnen worden in een stress situatie.

Deze adaptogene capaciteit wordt al gevormd wanneer je in de buik van je moeder zit. Wanneer je veel stress hebt ervaren in de buik van je moeder gaat deze capaciteit achteruit. EPA en DHA hebben ook invloed op je adaptogene capaciteit, maar dan in positieve zin. Wanneer je moeder veel vis heeft gegeten of visolie heeft geslikt tijdens de zwangerschap en dan met name het laatste deel van de zwangerschap, kreeg je veel EPA en DHA binnen. Deze verhogen je adaptogene capaciteit. Ook verzadigde vetten zorgen voor een verhoogde adaptogene capaciteit. Deze zorgen namelijk voor meer DHEA. Dit is een hormoon die noodzakelijk is voor je stressrespons. Wanneer je veel van deze hormoon hebt, kan je makkelijker met stress omgaan. Je moeder maakte dit dan ook veel aan voordat je geboren werd, zodat je de bevalling als minder stressvol ervaarde.

Gelukkig kan je zelf nu ook nog de adaptogene capaciteit verhogen. De blootstelling aan mechanische prikkels helpen hierbij. Variatie is daarvoor erg belangrijk, bijv verschillende bewegingen doen, de douche afwisselen met koud en warm water, gevarieerd eten, gevarieerde eetmomenten. Dit maakt dat jouw lichaam makkelijker om kan gaan met een verandering en hier op kan aanpassen. Het schiet niet in de stress wanneer iets anders gaat dan dat het had gedacht dat het zou gaan. Ook EPA en DHA uit vis(olie) kunnen nu nog steeds je adaptogene capaciteit verhogen, evenals de verzadigde vetten.

Er zijn ook dingen die je adaptogene capaciteit omlaag halen:

  • Endotoxinen (gifstoffen die je lichaam zelf maakt)
  • Exorfinen (zit in koemelk, gluten, soja en beetje in champignons en spinazie)
  • Microbiële belasting (schimmels, parasieten, virussen)
  • Traumatische gebeurtenissen

Glutamaat gevoeligheid

Glutamaat regelt je alertheid, zorgt voor angst en pijn. Dit heeft te maken met de NMDA receptor. Receptoren zijn eiwitten in de cellen. Ze kunnen signalen van binnen of buiten de cel doorgeven. Wanneer glutamaat op de receptoren komt, geeft dat een gevoel van actie en onrust; je gaat op scherp staan. De gevoeligheid van deze receptor is net als bij de adaptogene capaciteit ontstaan toen je in de buik van je moeder zat. Wanneer zij veel stress ervaarde gaat de gevoeligheid van de NMDA receptoren omhoog. Je hebt hierdoor maar een beetje glutamaat nodig om een reactie te veroorzaken. Glutathion dempt de scherpte van deze receptoren. Je ervaart een actie hierdoor als minder stressvol. Glutathion is de belangrijkste lichaamseigen stof die het lichaam inzet om gifstoffen waar wij continu aan worden blootgesteld onschadelijk te maken. Stress is zo’n gifstof voor het lichaam net als medicatie, zoals een paracetamol en antidepressiva. Het wordt ook ingezet door je lichaam wanneer je aangevallen wordt door een virus. De beschikbaarheid neemt daarna dus af en evenals exorfinen, deze nemen ook de beschikbaarheid af. Exorfinen is een morfine achtige stof en zit voornamelijk in koemelk, gluten, soja en een beetje in spinazie en champignons. Het gevolg hiervan is dat je dan dus minder overhoudt om je stress op te ruimen. Glutathion kan het lichaam in een bepaalde hoeveelheid zelf maken. Het wordt gemaakt uit cysteïne in combinatie met beweging.

Glutamaat kan omgezet worden in GABA. GABA is een neurotransmitters die rust en minder angst veroorzaakt. GABA schakelt de stress reactie af. Glutathion helpt hierbij. Glutathion kan namelijk een enzym stimuleren om GABA te maken van glutamaat.

Calcium is een stof die glutamaat helpt op de receptoren te komen, het zorgt dus voor meer stress en magnesium zorgt ervoor dat de GABA makkelijker op de receptoren plakt en zorgt dus voor meer rust. Caryofylleen, in kruidnagel, hop, oregano, lavendel, rozemarijn, kappertjes, komijn en karwei, stimuleert de aanmaak van GABA en het zorgt ervoor dat voor dat de glutamaat minder goed gaat plakken op de receptoren.

Glycine, een menselijk eiwit, zorgt er ook voor dat glutamaat minder goed gaat plakken op de receptoren. Dat zit in alle zwavelhoudende voedingsmiddelen oa vis, vlees, eieren, knoflook, prei en kool.

Glutamaat kan je via voeding binnenkrijgen. Het is de smaakversterker E621 en bevindt zich in heel veel fabrieksvoedsel. Deze zorgt er ook voor dat je voortdurend honger blijft hebben. Wanneer je hier te veel van binnen krijgt, moet er van alles in je lichaam geregeld worden om dit weer af te breken met gevolg dat het lichaam het niet meer goed kan afbreken en in stressstand blijft.

Genoeg drinken heeft ook een rol met betrekking tot glutamaat. Wanneer je te weinig drinkt gaat je lichaam meer histamine maken en histamine stimuleert de vrij zetting van glutamaat. Histamine is een stof die zich in je lichaam bevindt en in bepaalde voedingsmiddelen.

Cortisol

Cortisol zorgt ervoor dat je de stress kan hanteren, het remt de stressass af.

Als er iets aan de hand is dan gaat de sympathicus aan en dan maak je noradrenaline aan, wat je gaat omzetten in adrenaline en dat stimuleert de bijnier om cortisol te maken. Cortisol plakt vervolgens op de receptoren. Er zijn verschillende receptoren. De grote receptoren hebben meer cortisol nodig dan de kleine receptoren. Wanneer er cortisol op de receptor plakt, gaat deze receptor naar de celkern om op het DNA te gaan zitten. Dit zorgt ervoor dat de stress afremt. Wanneer je veel kleine receptoren hebt, heb je niet veel cortisol nodig voor het juiste effect.

Vitamine D helpt om veel kleine receptoren te maken. Bij gebrek hiervan maak je meer grote receptoren aan. Vitamine D kan je via de zon aanmaken in de huid. Om deze in de cellen te krijgen heb je glutathion nodig. Ook vitamine A helpt bij de opname van vitamine D. Glutathion helpt daarnaast bij de gevoeligheid van de receptoren, waardoor je meer vitamine D kan opnemen. Bij een groot gebrek van vitamine D ga je dus heel veel grote receptoren aanmaken waardoor je veel cortisol nodig hebt om de stress af te remmen.

Wanneer je heel veel ‘’moet’’ van jezelf, creëer je grote receptoren met gevolg dat je veel stress creëert. Wanneer je heel veel ‘’wilt’’, creëer je kleine receptoren. Vraag jezelf daarom af of je iets moet of omdat je iets wilt. Wil je graag naar die verjaardag of moet je naar die verjaardag?
Door dingen te doen die je graag wilt, dingen die plezier geven, ga je heel veel kleine receptoren aanmaken.

Lectines uit granen zorgen ervoor dat de receptoren dicht gaat zitten, waardoor cortisol er niet op kan plakken en de stress dus niet kan laten zakken.
Curcuma heeft een positief effect. Het verhoogt de gevoeligheid van de receptor. Je hebt hierdoor dus minder cortisol nodig om de stress te verlagen.

Endocannabinoïde

Endocannabinoïde remt de stress. Het zorgt er voor dat je rust krijgt in het lichaam. We hebben hier dus juist veel van nodig.

De gevoeligheid van de endocannabinoïde receptoren gaat naar beneden door een tekort aan cortisol, oftewel een cortisol resistentie. Ook remt linolzuur de gevoeligheid. Linolzuur zit in heel veel bewerkte voeding. Het zit bijvoorbeeld in zonnebloemolie, maisolie en tarwekiemolie. Wanneer je hier dus veel van binnenkrijgt, kan het ervoor zorgen dat je dus lastig je stress respons uit kan zetten, je kan dus minder makkelijk weer in rust stand komen.

Bij veel alcohol gebruik verlaag je ook je gevoeligheid. EPA en DHA verhogen de gevoeligheid. Ook vitamine D helpt hierbij. Vitamine D kan je via de zon aanmaken in de huid. Om deze in de cellen te krijgen heb je glutathion nodig. Ook vitamine A helpt bij de opname van vitamine D.
Curcuma en caryofylleen (kruidnagel, hop, oregano, lavendel, rozemarijn, kappertjes, komijn en karwei) vergroten je gevoeligheid.

Endocannabinoïde bevindt zich in wiet. In wiet zitten stofjes, THC en CBD. Deze stofjes hebben invloed op de gevoeligheid van de receptoren. In eerste instantie gaat deze gevoeligheid omhoog en ervaar je dus meer rust. Maar wanneer je dit consequent gebruikt, werkt het de andere kant op, dan gaan de receptoren er ongevoelig voor raken.

Endorfine

Endorfine is een hormoon die voor een beloningsgevoel zorgt. Het remt de stress af en het stimuleert de aanmaak van dopamine(actie) en GABA(rust). Wanneer de stress/actie zakt komt er een endorfine respons. Je krijgt hierdoor een beloningsgevoel.

Wanneer er lange tijd veel stress/actie is, worden de endorfine receptoren gevoeliger. Wanneer er veel stress/actie is, moet het lichaam ook veel endorfine aanmaken. Dit kan je lichaam niet onbeperkt blijven doen, het wilt immers zo nu en dan ook wel even niets hoeven doen. Met gevolg dat je receptoren zullen afnemen. Er is daardoor minder endorfine respons om de stress/actie uit te zetten. Je vraagt te veel, met gevolg dat ze minder goed gaan werken. Het lichaam kan hierdoor niet meer goed in rust komen, wat voortdurende onrust tot gevolgen geeft.

De stress wordt niet dus meer goed afgeremd en je beloningsgevoel verminderd. Je lichaam gaat daarom op andere manieren opzoek naar een beloningsgevoel bijvoorbeeld door het eten van suiker. Suiker geeft een beloningsgevoel, maar zorgt er ook voor dat je receptoren nog meer afnemen, met gevolg dat je telkens meer suiker nodig hebt om je een beloningsgevoel te ervaren.

Exorfinen is ook zo’n stof. Exorfinen is een morfine achtige stof en zit voornamelijk in koemelk, gluten, soja en een beetje in spinazie en champignons. Deze stof geeft ook een goed gevoel, maar je hebt net als bij suiker, steeds meer nodig om dat goeie gevoel weer te krijgen. Vraag jezelf maar eens af of je een broodje met kaas kan weerstaan.

Wanneer je beloningsgevoel niet meer goed werkt, is de motivatie om iets te doen lastig te vinden. Je ervaart immers wanneer je het gedaan hebt, niet meer dat lekkere gevoel. Sporten kan hierdoor echt een opgave zijn, want je ervaart geen beloningsgevoel na het sporten, omdat het lichaam geen endorfine aanmaakt. Je kiest er liever voor om op de bank te kruipen, tv te kijken en/of op je mobiel te scrollen.

Wat zijn de gevolgen van chronische stress

Wanneer je je stress respons niet meer goed uit krijgt, waardoor het lichaam veel stress ervaart kan dit grote gevolgen hebben op langer termijn. Je blijft een onrustig gevoel ervaren.
Je beloningssysteem werkt niet meer goed, waardoor je je beloning in andere dingen gaat zoeken. Het kan daardoor verschillende verslavingen veroorzaken, omdat je je rust in andere middelen gaat zoeken.
Ook kan het verschillende ziektes veroorzaken zoals osteoporose, depressie, ADHD.
Daarnaast kan het je darmwand aantasten met gevolg dat je niet goed je voedingsstoffen kan opnemen.

Wat kan je doen om je stress te verminderen in het lichaam

Zoek meer ontspanning.
‘’Moet’’ minder van jezelf.
Ga meer gevarieerd bewegen
Kou/warmte training

Slik vitamine A en D, NAC/glutathion, omega 3, glycine, eventueel caryofylleen, kaempherol en curcuma of zorg dat je deze via voeding veel binnenkrijgt.

Voeding: Stop met het eten van E621, linolzuur, suiker en exorfinen (gluten, koemelk, soja, beetje in spinazie en champignons)

 

 

Bron: Evenwijs

Back To Top